Nobel’s vredesprijs wordt fopprijs

okt 10, 2015 by

Nobel’s vredesprijs wordt fopprijs

Met de uitreiking van de Nobelprijs voor de Vrede aan het ‘Nationale Kwartet van Tunesië’ is deze vredesprijs wel erg ver afgeraakt van het oorspronkelijke streven naar wereldvrede, ontwapening en verbroedering tussen de naties. De prijs wordt aan Jan en alleman uitgereikt die weliswaar sympathieke zaken streven maar niets te maken hebben met deze doelen. Zodoende heeft de prijs aan prestige en betekenis ingeboet. Hoe heeft het zover kunnen komen?

Alfred Nobel was een man die handelde uit gewetenswroeging, toen hij in 1895 in zijn testament liet opnemen dat er een jaarlijkse prijs voor de vrede uit zijn nalatenschap moest worden uitgereikt. Nobel was de uitvinder van het dynamiet en daarmee werd hij enerzijds schatrijk, maar anderzijds raakte zijn naam verbonden met het doden van mensen. Met de Nobelprijs voor de Vrede wilde hij mensen lauweren die zich hadden ingezet voor de vrede. Elk jaar zou deze prijs worden aangereikt aan een persoon die het meest had gedaan voor de verbroedering tussen volkeren, het verminderen van de bewapening en de promotie van vredescongressen. Aan het einde van de 19de eeuw was er een pacifistische beweging ontstaan en Nobel wilde dat bevorderen.

In 1901, toen de prijs voor het eerst werd uitgereikt, werden Henri Dunant en Frédéric Passy gelauwerd voor respectievelijk hun rol in de stichting van het Rode Kruis en de oprichting van de Interparlementaire Unie. Vier jaar later werd de prijs voor de eerste keer aan een vrouw uitgereikt, Bertha von Suttner, voor haar rol in de pacifistische beweging, in het bijzonder haar boek ‘Die Waffen nieder!.

Wanneer er geen geschikte kandidaat werd gevonden of er een groot internationaal conflict was, werd er wijselijk besloten om de prijs niet uit te reiken. Dat was het geval tijdens de Eerste Wereldoorlog en in de jaren daarna, zoals in 1923, 1924, 1928, 1932, etc. Men wilde de prijs niet uitreiken als er geen geschikte kandidaat was. Na de jaren 1950 brak men met deze traditie.

Vlak na de Tweede Wereldoorlog werd de prijs vooral uitgereikt aan mensen die zich sterk hadden gemaakt voor de Verenigde Naties, en terecht. Pas in 1960 werd de prijs voor het eerst uitgereikt aan een niet-blanke man, Albert Luthuli. Dit was tevens een breuk met de traditie van de oorspronkelijke doelstellingen, aangezien Luthuli niet voldoet aan de bovengenoemde criteria. Luthuli was de president was van het Zuid-Afrikaanse ANC, wat een binnenlandse organisatie was die uitgesproken politiek was. De strijd voor gelijke rechten en tegen Apartheid mag dan weliswaar een gerechtvaardigde strijd zijn, maar het is geen streven naar wereldvrede of ontwapening. Datzelfde geldt voor de tweede zwarte man, Martin Luther King jr., die de prijs in 1964 kreeg uitgereikt.

Met de lauwering van Norman Borlaug werd wederom een step verder van de oorspronkelijke doelstellingen gezet. Borlaug was een agronoom, die zich dienstbaar had gemaakt aan de verbetering van de voedselproductie in Azië en Zuid-Amerika. Wederom een nobel streven, maar geen streven naar vrede. In 1983 werd wederom de prijs uitgereikt aan een uitgesproken politiek leider die een binnenlandse strijd voerde, namelijk de vakbondsman Lech Walesa. Ongetwijfeld een sympathieke man met een rechtvaardig streven, maar het staat ver af van het ontwapeningsstreven, de wereldvrede en de internationale verbroedering. Datzelfde geldt voor de Dalai Lama met zijn streven naar een onafhankelijk Tibet.

Sinds 2003 is het hek van de dam en wordt het merendeel van de prijzen uitgereikt aan mensen die zich weliswaar heel sympathiek mogen lijken, maar ver af staan van het vredesstreven, zoals Shirin Ebadi (2003, omwille van de vrouwenrechten), Wangari Maathai (2004, omwille van de duurzame ontwikkeling),  Mohammed Yunus en Grammeen Bank (2006, omwille van de microfinanciering), Al Gore (2007, omwille van de klimaatverandering), etc. etc. De laatste keer dat de prijs is uitgereikt aan een persoon die zich concreet heeft ingezet voor de vrede is 2000 (Kim Dae-jung). Met de uitreiking aan het ‘Nationale Kwartet van Tunesië’, een binnenlandse kwestie zonder betrekking tot vrede of ontwapening, heeft de prijs wederom iets van haar betekenis verloren.

Related Posts

Share This

1 Comment

  1. Dat staat nog te bezien.in Tunesie is het toch maar wel gelukt tot een coalitie te komen, op voorspraak van een vakbond, en wel inclusief…daar heb je ze weer: de ‘gematigde islamisten’. (contradictio-in-terminis). Voor mij is het duidelijk dat hier wordt geéxperimenteerd met een model dat ‘de westerse alliantie’ = USA militaitr-industrieel complex) ook voor de ‘liberale demoncratieen in |Europa’ voorheeft in te voeren.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.