Boerenrevoluties van de 20ste eeuw

jun 5, 2015 by

Boerenrevoluties van de 20ste eeuw

De 20ste eeuw lijkt voor de onvermoede toeschouwers op een gigantische ideologische confrontatie tussen socialisme en liberalisme. In Rusland en China vonden revoluties plaats die het socialisme als staatsideologie vestigden. Maar hoe echt was dat socialisme?

Karl Marx had voorspeld dat de socialistische revolutie plaats zou vinden in de meest ge-industrialiseerde landen, dat wil zeggen West-Europa en meer bepaald Duitsland en Engeland. Daar vond de revolutie nooit plaats, ondanks dat deze landen de best georganiseerde arbeidersbeweging herbergden. De revoluties vonden juist plaats in het hartland van het Euraziatische continent, daar waar de zogenoemde despotische regimes volgens Marx elke ontwikkeling in de weg stonden.

De Russische en Chinese revoluties van 1917 en 1949 steunden niet op een sterk georganiseerde arbeidersbeweging, maar waren veeleer het gevolg van een bewapende groepen boeren. In Rusland keerde de boerenstand zich tegen het Tsarendom na een jarenlange bloedige oorlog die de economie deed instorten. De boerensoldaten kwamen in de stad terecht en werden georganiseerd in politieke raden die werden ingezet door de communistische partij om de macht te grijpen.

In China gebeurde min of meer hetzelfde – een jarenlange bloedige oorlog deed de Chinese economie instorten waardoor de boeren op drift kwamen. Het was een ontwikkeling waarvan de communistische partij profiteerde door een guerrilla te organiseren tegen de meer stedelijke nationalistische partij Guomindang. Het resultaat was hetzelfde als in Rusland: de stedelijke ondernemers en intelligentsia gingen in ballingschap en de boeren namen hun posities in.

In Rusland en China verdween de traditionele elite van landelijke adel en stedelijke ambtenaren. De meest in het oog springende ontwikkeling was het komen bovendrijven van plattelandslui als nationale leiders: Stalin, Mao, Chroestsjov, Deng Xiaoping. Het waren geen intellectuelen, maar hadden meer een soort van boerensluwheid. Plattelanders trokken in de slipstroom van de communistische revolutie naar de stad en namen het bestuur over.

De Chinese en Russische revoluties van de 20ste eeuw zijn ook in het perspectief van hun nationale geschiedenis te beschouwen als boerenrevoluties – deze landen werden regelmatig geconfronteerd met boerenopstanden die dreigden een einde te maken aan de macht van de adel en ambtenarij. Denk aan de Poegatsjov-opstand in 18de eeuws Rusland en de Taiping rebellie in 19de eeuws China. In dat perspectief kunnen we ons afvragen hoe communistisch de revoluties van de 20ste eeuw eigenlijk waren.

1 Comment

  1. Gerrit

    Je zit er naast wat de rol van de arbeiders in Rusland betreft Bart.
    Hieronder een betere benadering, welke ook aantoont dat de revolutie onder het kapitalisme altijd smeulende is en de russische revolutie zeker en vast een vervolg zal krijgen.
    Groet, Gerrit

    Na 90 jaar blijft de ontketening van de Russische Revolutie in 1917 de meest reusach­tige, meest bewuste massabeweging van de uitgebuiten. Ze was rijker aan ervaringen, aan initiatieven en aan creativiteit dan welke andere gebeurtenis uit de geschiedenis ook. Miljoenen proletariërs zijn er toen werkelijk in geslaagd om hun isolement te doorbreken, om zich bewust te verenigen, om zich de middelen te verschaffen om collectief, als één macht op te treden, en om de instrumenten voor de omverwerping van de burgerlijke staat en het veroveren van de macht in werking te brengen: de arbeidersraden (sovjets). Belangrij­ker nog dan de omverwerping van het eeuwenoude tsaristische regime was dat deze be­wuste massabeweging niets minder aankondigde dan het begin van de proletarische wereldrevo­lutie in het kader van een internationale golf van revoltes van de arbeidersklasse tegen de oorlog en tegen het kapitalistisch systeem in zijn geheel.

    De bourgeoisie heeft zich hierin niet vergist; zij verspreidt sinds decennia de meest doortrapte leugens over deze historische gebeurtenis. Met een heel palet aan spitsvondigheden doen de burgerlijke historici in feite niets anders dan één van de meest afgezaagde legendes herhalen, die de Russische Revolutie van februari 1917 afschildert als een beweging voor ‘democratie’, die door een bolsjewistische staatsgreep verkracht zou zijn. Februari 1917 zou een waar ‘democratisch feest’ geweest zijn, Oktober 1917 een plat­vloerse ‘staatsgreep’, een manipulatie door de bolsjewistische partij van de achterlijke massa’s van tsaristisch Rusland. Deze schaamteloze vervalsing is het product van de angst en de woede die de wereldbourgeoisie voelt tegenover een collectief en solidair werk, een bewuste actie van de uitgebuite klasse, die het hoofd durft te verheffen en de bestaande orde der dingen in vraag stelt.

    Februari 1917: de eerste episode van de proletarische wereldrevolutie

    De opstand van de arbeiders van St. Petersburg (Petrograd) in Rusland in februari 1917 komt niet als een donder­slag bij heldere hemel. Hij ligt in het verlengde van de hard onderdrukte economische sta­kingen die door de Russische arbeiders vanaf 1915 gevoerd worden tegen de wreed­heid van de wereldoorlog, tegen de honger, de zwarte ellende, de doorgedreven uitbui­ting en de ononderbroken terreur van de staat van oorlog. Deze stakingen en revoltes be­perken zich in die periode niet tot het Russische proletariaat, maar maken deel uit van de strijd en de acties van het internationaal proletariaat. Een soortgelijke golf van arbeidersverzet ontwikkelt zich in Duitsland en Oostenrijk, in Groot-Britannië… Aan het front, vooral bij het Russische en het Duitse leger, vinden muiterijen, col­lectieve deserties, en verbroedering tussen soldaten van beide kanten plaats. Nadat het zich had laten meeslepen door het vergif van het patriottisme en het ‘democratisch’bedrog van de regeringen, gesteund door het verraad van de meeste sociaal-democratische partijen en vakbonden, stak het wereldproletariaat opnieuw de kop op en begon het uit de mist van de chauvinististische dronkenschap te ontwaken. Aan het hoofd van de beweging bevonden zich de internationalisten – bolsjewieken, spartakisten, heel de linkerzijde van de IIe Internationale die de oorlog, nadat die in augustus 1914 was uitgebroken, onophoudelijk aanklaagden als een imperialistische rooftocht, als de uitdrukking van het failliet van het wereldkapitalisme, als het signaal voor het proletariaat om zijn historische missie ten uitvoer te brengen: de internationale socialistische revolutie. Deze historische uitdaging is de ar­beidersklasse aangegaan vanaf 1917 tot in 1923. In de voorhoede van deze proletari­sche beweging die een einde maakte aan de oorlog en die de mogelijkheid opende voor de wereldrevolutie stond het Russische proletariaat in de maand februari van 1917. Het losbarsten van de Russische Revolutie was dus geen nationale gebeurtenis of een op zichzelf staand fenomeen – dat wil zeggen een vertraagde burgerlijke revolutie die zich ertoe be­perkte het feodale absolutisme omver te werpen. Ze vormde integendeel het hoogte­punt van het antwoord van het wereldproletariaat op de oorlog, en op een nog fundamenteler niveau: op de intrede van het kapitalistisch systeem in zijn vervalperiode.

    De vorming van arbeidersraden, de specifieke organen van de revolutie

    Tussen 22 en 27 februari ontketenen de arbeiders van St. Petersburg een opstand in ant­woord op het historisch probleem dat gesteld wordt door de wereldoorlog als uitdrukking van het verval van het kapitalisme. De staking begint bij de textielarbeiders die de aar­zelingen bij de revolutionaire organisaties opzijzetten, en omvat binnen drie dagen praktisch alle fabrieken van de hoofdstad. Op de 25e hebben 240.000 arbeiders het werk stilgelegd. Ze blijven geenszins passief in hun werkplaatsen, maar komen bijeen in meetings en straatbetogingen, waar de ordewoorden van het eerste uur om ‘brood’ te ei­sen al snel versterkt worden tot ‘weg met de oorlog’ en ‘weg met de autocratie.’

    Op de avond van de 27e heerst de opstand, gevoerd door het bewapende proletariaat, als heer en meester over de stad, terwijl arbeidersstakingen en betogingen op gang ko­men in Moskou, en in de dagen daarna ook in de provinciesteden Samara, Saratov en Charkov… Geïsoleerd en niet bij machte een leger, dat sterk verzwakt is door de oorlog, in te zetten tegen de revolutionaire beweging, ziet het tsaristisch regime zich gedwon­gen om af te treden.

    Wanneer eenmaal de eerste ketenen gebroken zijn, willen de arbeiders niet meer wijken. Om niet blindelings te handelen, bouwen ze voort op de ervaring van 1905 en richten ze sovjets op, die toen al spontaan waren ontstaan tijdens de massastaking. De arbeidersra­den waren de directe uitdrukking van duizenden arbeidersvergaderingen in de bedrij­ven en de wijken. Ze pasten de soevereiniteit toe van de assemblees en de centralisatie via verkozen en permanent afzetbare afgevaardigden. Een dergelijk sociaal proces kan vandaag voor veel arbeiders utopisch lijken, maar het is het proces van transformatie van een onderworpen en verdeelde massa tot een verenigde klasse die als één enkel mens optreedt en in staat is zich in de revolutionaire strijd te gooien. Meteen na 1905 be­schreef Trotski wat een arbeidersraad is : “Wat was de sovjet van arbeidersafgevaardigden? De sovjet werd gevormd om aan een praktische nood te beantwoorden die voortkwam uit de loop der gebeurtenissen. Het was een gezaghebbende organisatie maar die niet op tradities boogde, die in één klap een versnipperde mas­sa van honderdduizenden mensen kon samenvatten, bijna zonder organisatieapparaat, die de revolutionaire stromingen in het proletariaat verenigde, die in staat was om initiatieven te nemen en om zichzelf op een spontane manier te controleren en, het belangrijkste van allemaal, die binnen 24 uur vanuit de illegaliteit naar buiten kon treden.” (Trot­ski, 1905). Deze “eindelijk gevonden vorm van de dictatuur van het proletariaat”, zoals Lenin het uitdrukte, maakte de permanente organisatie in vakbonden vervallen en overbodig. In de periode waarin de revolutie historisch gezien op de agenda staat, breekt de strijd spontaan uit en neigt hij ertoe zich over alle productiesectoren uit te breiden. Het spon­tane ontstaan van de arbeidersraden is dus het directe resultaat van het explosieve en ongeprogrammeerde karakter van de revolutionaire strijd.

    De arbeidersraden ten tijde van de Russische Revolutie waren niet een eenvoudig passie­ve product van uitzonderlijke objectieve omstandigheden, maar het product van een collectieve bewustwording. De radenbeweging heeft zelf het materiaal aangedra­gen voor de zelfopvoeding van de massa’s. De arbeidersraden vermengden voortdurend de economische en politieke aspecten (van de strijd) tegen de heersende orde. Zoals Trotski schreef : “Een revolutie leert, en wel snel. Daarin is haar kracht gelegen. Iedere week bracht de massa’s iets nieuws. Iedere twee maanden waren een tijdperk. Eind februari – de opstand. Eind april – optreden van gewapende arbeiders en soldaten in Petrograd! Begin juli – een nieuw optreden op veel grotere schaal en onder veel positievere leuzen. Eind augustus – de poging tot een staatsgreep van Kornilov, afgeslagen door de massa’s. Eind oktober – machtsgrijping door de bolsjewiki. Onder deze gebeurtenissen, die verbluffend zijn door hun wetmatige verloop, voltrokken zich diepgaande, interne processen welke de verschillende delen van de arbeidersklassen samensmolten tot één politiek geheel. (…) Men hield bijeenkomsten in de loopgraven, op dorpspleinen, in fabrieken… Maandenlang was in Petrograd en in heel Rusland elke straathoek een politieke tribu­ne…” (Trotski, Geschiedenis van de Russische Revolutie)

    De rol van de bolsjewistische partij in de arbeidersraden

    Door de arbeidersraden het overwicht te geven, verschafte het Russische proletariaat zich de mid­delen om zijn strijd te voeren, maar desondanks bevond het zich vanaf februari in een bijzonder gevaarlijke situatie. De krachten van de internationale bourgeoisie probeer­den immers dadelijk de situatie in haar voordeel te keren. Omdat ze de beweging niet in bloed konden smoren, probeerden ze haar te richten op burgerlijk ‘democratische’ doeleinden. Enerzijds werd een officiële voorlopige regering gevormd met als doel de voortzetting van de oorlog. Anderzijds werden de sovjets in het begin overspoeld door mensjewieken en sociaal-revolutionairen. Deze laatsten, waarvan de meerderheid met de oorlog overgelopen was naar het kamp van de bourgeoisie, genoten bij het begin van de februarirevolutie van een immens vertrouwen onder de arbeiders. Ze kwamen vanzelf terecht in het Uitvoerend Comitee van de Sovjet. Vanuit die strategische positie probeer­den ze op alle mogelijke manieren de sovjets te saboteren, ze te vernietigen. Van een situatie van ‘dubbele macht’ kwam men daardoor in een situatie van ‘dubbele onmacht’ terecht in mei en juni 1917 omdat het Uitvoerend Comitee van de sovjets als masker diende voor de bourgeoisie om haar doelen te realiseren, met in de eerste plaats het herstellen van de orde aan het front en in het achterland om de imperialistische slachting te kunnen voortzetten. De demagogen van mensjewieken en sociaal-democraten deden steeds op­nieuw beloftes over vrede, over een oplossing voor het landbouwprobleem, over de in­voering van de achturendag, enzovoort, zonder dat daar ooit iets van terechtkwam. Ook al wa­ren de arbeiders, tenminste die in Petrograd, ervan overtuigd dat alleen de sovjetmacht hun aspiraties kon verwezenlijken, en al zagen ze dat geen rekening ge­houden werd met hun wensen en eisen, dan geloofde men in de provinciesteden en on­der de soldaten nog in de ‘verzoeners’, in degenen die opkwamen voor de zogezegde burgerlijke revolutie. Tenslotte was het Lenin die met zijn Aprilstellingen, twee maan­den na het ontketenen van de beweging, zijn gedurfde platform onthulde om de partij van de bolsjewieken te herbewapenen, die ook al de neiging had om zich met de voorlopi­ge regering te verzoenen. Zijn Stellingen maakten overduidelijk welke weg het proleta­riaat opging en formuleerden de perspectieven van de partij: “1. In onze houding tegenover de oorlog die (…) ook onder de nieuwe regering (…) onvoorwaardelijk een imperialistische oorlog blijft, zijn ook de geringste concessies aan de ‘revolutionaire vaderlandsverdediging’ ontoelaatbaar.” “3. Generlei steun aan de Voorlopige Regering, het aan het licht brengen van heel de leugenachtigheid van al haar beloften… Ontmaskering van de Voorlopige Regering in plaats van de ontoelaatbare, tot illusies aanleiding gevende ‘eis’ dat deze regering, de regering van de kapitalisten, moet ophouden imperialistisch te zijn.” “5. Geen parlementaire republiek – van de Sovjets van arbeidersafge­vaardigden daarheen terugkeren zou een stap achteruit betekenen – maar een republiek van Sovjets van arbeiders-, landarbeiders- en boerenafgevaardigden in het gehele land, van onder tot boven.” Gewapend met dit stevige kompas was de bolsjewistische partij bij machte concrete voorstellen te doen die beantwoordden aan de noden en mogelijkheden op elk moment van het revo­lutionair proces door het vooruitzicht van de machtsgreep in het vizier te houden, en door een werk van “bijzonder grondig, volhardend en geduldig” uitleggen” (Lenin). En in deze strijd van de massa’s om de controle over hun organisaties in handen te nemen tegen de sabotage door de bourgeoisie, werd het na verschillende politieke crises, in april, in juni en voor­al in juli, mogelijk de Sovjets te vernieuwen, waarin de bolsjewieken tenslotte de meerderheid behaalden. De doorslaggevende activiteit van de bolsjewieken heeft dus als centrale krachtlijn de ontwikkeling van het klassenbewustzijn, met een vertrouwen in de capaci­teit tot kritiek en analyse van de massa’s en een vertrouwen in hun vermogen tot vereniging en zelforganisatie. De bolsjewieken hebben de massa’s nooit willen onderwer­pen aan een vooraf opgesteld ‘actieplan’ dat hen zou verheffen zoals men een le­ger leidt. “De voornaamste kracht van Lenin was daarin gelegen, dat hij de innerlijke logica van de beweging begreep en daarnaar zijn politiek richtte. Hij drong zijn plan niet aan de massa’s op. Hij hielp de massa’s hun eigen plan te zien en te verwezenlijken.” (Trotski, Geschiedenis van de Russische Revolutie, hoofdstuk ‘de reorganisatie van de partij’) Zo kwam het dat de bolsjewieken vanaf september in de vergaderingen van arbeiders en soldaten duidelijk de kwestie van de opstand stelden. “Tot de opstand werd om zo te zeggen besloten op een vastgestelde datum: 25 oktober. Daartoe werd niet besloten op een geheime vergadering, maar openlijk en publiekelijk, en de zegevierende revolutie had precies op die 25e oktober plaats…” (idem.) Ze veroorzaakte een enthousiasme zonder weerga bij de arbeiders van de gehele wereld en werd het ‘lichtbaken’ dat de toekomst van alle uitgebuiten verlichtte. Vandaag nog is de vernietiging van de politieke en economische macht van de heersende klasse een dwingende noodzaak om te overleven. De dictatuur van het proletariaat, georganiseerd in soevereine Raden blijft de enige realistische weg om de basis te leggen voor een nieuwe, waarachtig communistische maatschappij. Dat moeten de proletariërs zich herinneren in het licht van de ervaring van 1917.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.