Negatieve zwarte stereotypen (deel 2): Afwezige vaders

okt 31, 2014 by

Negatieve zwarte stereotypen (deel 2): Afwezige vaders

Met de zwarte piet-discussie draait het vaak om het zogenaamde stigmatiserende stereotype van de Piet als knecht. Ondanks het feit dat zwarte Piet een positief cultureel icoon is, ervaren veel negers het als een negatief stereotype. Er bestaan echter ook andere stereotypen van de zwarte gemeenschappen in ons land. In deel 2 van onze serie wil ik ingaan op het stereotype van de afwezige vader in zwarte families. Opmerkelijk genoeg zou ook dit probleem zijn oorsprong hebben in de slavernij. Reden des te meer om dit fenomeen eens onder de loep te leggen.

In 2012 kwam de Verwey-Jonker stichting met een onderzoek getiteld Een vader is meer dan 100 meesters, een titel die verwijst naar het belang van vaderschap als rolmodel voor kinderen (pagina 24). Kinderen die zonder vader opgroeien doen het slechter op school en hebben meer kans om in de criminaliteit te komen. Ook psychisch heeft het een grote impact en vergroot een dergelijke gezinssituatie de kans op schizofrenie. Er wordt echter ook gewezen op de dalende mogelijkheden op een professionele loopbaan van alleenstaande moeders (pagina 23). De afwezigheid van de vaderfiguur is een grote bron van zorg, want los van de persoonlijke gevolgen zijn de maatschappelijke gevolgen ook navenant. In ons vorige stuk spraken we al over de oververtegenwoordiging van zwarte Nederlanders in de criminaliteitscijfers.

In 2011 is er in Amsterdam onderzoek gedaan naar de omvang van het probleem van gebroken gezinnen onder zwarten. Deze cijfers werden door Irene Zwaan gebruikt in haar boek over afwezige vaders. Uit deze cijfers blijkt dat het percentage eenoudergezinnen onder Antilliaans-Arubanen in Nederland 48% is en onder Surinamers 44% (autochtonen Nederlanders 18%). Daar dient bij te worden aangetekend dat er onder Antillianen soms wordt gesproken over 60% (“Na verwekken komt opvoeden” Trouw 18 januari 2012). Van deze kinderen groeit meer dan 85% bij de moeder op of bij familie, vaak de grootouders (lees: oma). Meer problematisch is dat dit probleem onder zwarten nauwelijks wordt onderkend. Zeker 75% van de Surinaamse en Antilliaanse mannen (pagina 54) is het niet met dit ‘vooroordeel’ eens en 68% ergert zich hier aan (sic!).

Vaak wordt het probleem van de afwezige vader toegeschreven aan de slavernij. Feit is echter dat dit probleem ook in Afrika voorkomt en derhalve ook speelt binnen Afrikaanse gemeenschappen in Nederland. Zo verscheen er in 2011 een rapport over Afrikaanse Nijmegenaren, waarin de afwezige vader als een belangrijke factor wordt aangemerkt voor schooluitval, criminaliteit en werkloosheid onder Somaliërs (pagina 26). In het eerder genoemde artikel in Trouw lezen we dat het project gericht op afwezige vaders is begonnen met Antillianen, maar later is uitgebreid met Surinamers en Ghanezen. Het is dus niet een typisch probleem voor afstammelingen van slaven, maar meer een algemeen Afrikaans probleem.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.