Overheid als grootste vijand van Sinterklaas en Zwarte Piet

jul 4, 2014 by

Overheid als grootste vijand van Sinterklaas en Zwarte Piet

In de discussie over zwarte piet draait teveel om de luidruchtige actieclubjes en daardoor blijft de overheid als grootste boosdoener buiten beeld. Onterecht, want die rol blijkt bij nader inzien groter dan men in het eerste opzicht zou denken. Hieronder volgt een overzicht uit heden en verleden, waaruit blijkt dat Sinterklaas een waar volksfeest is, waar de overheid zich niet mee dient te bemoeien. Het is tevens een pleidooi om het feest in zijn originele staat voor Amsterdam te behouden.

Sinterklaasfeest bestreden vanaf 16de eeuw

Het Sinterklaasfeest was van oorsprong vooral verbonden met de opkomst van Amsterdam als havenstad. De schutspatroon Sint-Nicolaas (6 december) is immers niet alleen de beschermer van de kinderen, maar ook van de zeelieden. In 1578 vond in Amsterdam echter de zogenoemde ‘alteratie’ plaats, dat wil zeggen dat de protestantse minderheid de macht greep in het gemeentebestuur. Dit luidde een periode in waarin Rooms-Katholieke gebruiken werden onderdrukt.

Elk jaar drongen de streng-calvinistische raadsleden aan op een verbod op het Sinterklaasfeest. Dit leidde van tijd tot tijd tot rellen, waardoor het stadsbestuur zich genoodzaakt zag het feest te gedogen. Dit betekende niet dat de druk er minder om was. Toen in 1663 de schout en zijn knechten (jawel!) de Sinterklaasvieringen wilde beknotten werd hij zelfs door jongeren met pepernoten bekogeld. Zelfs twee eeuwen later in 1883 kwamen jongeren op Sinterklaasavond in gevecht met de politie.

Aan het begin van deze eeuw is het Katholieke karakter van Sint-Nicolaas nog steeds een doorn in het oog voor gemeentebesturen. In Amsterdam is de kruis op de mijter vervangen door het stadswapen, zogenaamd om andere geloven niet voor het hoofd te stoten, en in Antwerpen werd een Sint met een kruis op de mijter door het gemeentebestuur verboden op openbare scholen. De calvinistische scherpslijperij is hierbij vervangen door het multiculti-geloof – oude wijn in nieuwe zakken.

Inmenging door de overheid

In de 20ste eeuw kwam er meer waardering voor volkscultuur, wat leidde tot de oprichting van het Meertens Instituut, aanvankelijk alleen voor dialecten maar in 1940 aangevuld met het bureau volkscultuur. Later werd daar het Nederlandse Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed aan toegevoegd. Je zou denken dat met zoveel instituties het Nederlandse erfgoed goed gedocumenteerd en beschermd zou zijn. Maar dan heeft u het toch goed mis!

Tegen alle verwachtingen staat het Sinterklaasfeest niet op de nationale erfgoedlijst. In december 2013 maakte Ineke Strouken van het bovengenoemde Centrum voor Volkscultuur bekend dat dit feest ‘vooralsnog’ niet op deze erfgoedlijst komt. Strouken maakte vervolgens bekend dat dit kwam, omdat het feest in een ‘politieke wervelwind’ terecht was gekomen. Zij vond het noodzakelijk om het Sint Nicolaas Genootschap te vragen om een standpunt in te nemen inzake zwarte piet.

Dat Strouken een dubbelspel speelt blijkt uit het feit dat het Centrum van Volkscultuur niet alleen volkscultuur registreert, maar ook actief vorm geeft. Het centrum heeft namelijk het initiatief genomen om een discussie te beginnen met voor en tegenstanders van zwarte piet om deze een nieuw uiterlijk te geven. In juni werd de nieuwe zwarte piet nota bene door haarzelf als een soort van compromis gepresenteerd, uiteraard geheel vrijblijvend volgens eigen zeggen.

Hoe zit het op de Antillen en in Suriname?

Als je de zwarte piet-haters mag geloven, dan brengt het Sinterklaasfeest met zwarte piet nare herinneringen aan de slavernij boven. Je zou dus denken dat het Sinterklaasfeest of op zijn minst zwarte piet met pek en veren wordt onthaald in de oud-koloniën, die grotendeels worden bevolkt met de nazaten van de slaven en waar het slavernijverleden tastbaar is. Niets is minder waar. Sinterklaas is een populair volksfeest voor jong en oud waar de hele gemeenschap voor uitloopt. Hieronder twee video’s van recente intochten van Sinterklaas in respectievelijk Curaçao, Aruba en Suriname:

De grootste initiatiefnemer tot het afschaffen van het Sinterklaasfeest is de Surinaamse regering. In de jaren 1980 probeerde de regering al per decreet het feest af te schaffen, maar het stak spontaan weer de kop op. In 2011 ondernam de Surinaamse president Venetiaan wederom een poging om het feest af te schaffen. Eind 2013 werd het van hogerhand verboden om Sinterklaas op Surinaamse scholen te vieren. Desalniettemin blijft het feest onverminderd populair bij de bevolking.

Geen rassenstrijd maar een klassenstrijd

In Nederland menen Antillianen en Surinamers, die blijkbaar onwetend zijn van de situatie in hun land van herkomst inzake het Sinterklaasfeest, te moeten spreken namens de zwarte gemeenschap. Deze luidruchtige minderheid binnen deze minderheden in Nederland krijgen echter vanuit de media en de culturele elite een megafoon aangereikt. Zij menen in de 21ste eeuw in coalitie met radicaal-links een rassenstrijd te moeten voeren over een reeds afgeschaft onrecht uit de 19de eeuw.

Anabel Nanninga van GeenStijl slaat de spijker op zijn kop als zij zegt dat de zwarten zich dienen te bevrijden van de high-brow blanke cultuurelite, die de herdenking van de slavernij gebruiken als podium om hun eigen morele superioriteit ten toon te spreiden. Zij menen zich superieur aan het ‘klootjesvolk’ dat op zaterdagmiddag de Sinterklaas onthaalt en organiseren een week voor Sinterklaasavond de jaarlijkse niet-winkeldag als sneer naar de inkopende ouders die hun kinderen deze traditie van lekkernijen en cadeautjes willen voortzetten.

De rechters die zich meenden te moeten uitspreken over zwarte piet maken deel uit van diezelfde blanke elite. Het was deze elite die in de 17de eeuw zich in de slavenhandel stortte en nu het gewone arbeidersvolk, dat nooit een slaaf zag en zelf ook leed onder feodale verhoudingen, indirect de schuld van de slavernij in de schoenen wil schuiven. Het is een perverse klassenstrijd waarbij de elite het volk, dat geen deel had aan de slavernij, beschuldigt het slavernijverleden te miskennen.

Besluit

Het Sinterklaasfeest is altijd omstreden geweest en het volk heeft altijd gevochten voor het behoud er van. De overheid is steeds de grootste vijand gebleken van het Sinterklaasfeest. Het Sinterklaasfeest en zwarte piet zijn geen uitingen van racisme, maar zijn juist Nederlandse tradities die mateloos populair zijn onder etnische minderheden in Nederland. Ook in de oud-koloniën met een slavernijverleden, zoals de Antillen en Suriname, wordt Sinterklaas gevierd mét zwarte piet. Ook daar toont zich de overheid als de grootste vijand van het volksfeest.

Het is de blanke én zwarte cultuurelite, bestaande uit universitaire niksnutten als Quinsy Gario en Sunny Bergman, die zich wenst te profileren op de morele modegril van het anti-racisme om zich superieur te wanen. In de Antillen en Suriname zijn Sinterklaas en zwarte piet helemaal geen probleem, behalve bij dezelfde culturele elite. Dit is daarom geen rassenstrijd voor het verwerken van het slavernijverleden, maar een ordinaire aanval van de culturele elite, die zich geruggensteund weet door de overheid en mainstream media, op een volksfeest.

2 Comments

  1. Mooie naam

    Wat ben ik blij dat het kwartje begint te vallen!
    Hartelijk dank voor dit artikel, alleen door het spel te doorzien gaan we er komen.

    • piet

      Zo’n 30 of 40 jaar geleden kwam op ons werk voor de eerste keer een donkere man werken.
      Een van mijn collega’s was ook sinterklaas en toen die donkere man binnen kwam riep mijn collega hem heel spontaan en hartelijk toe dat hij nog een zwarte piet zocht.
      Met verbazing zagen we dat die man heel hartelijk begon te lachen op dat hij “gezocht” werd …hij zat dus goed in zijn vel.
      Piet.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.